Bestuurders in de zorg: eigen governance visie

Goed bestuur in de zorg en nieuwe governance regels zijn actueel. Aan de reeks van voorstellen kunnen we toevoegen die van de Nederlandse Vereniging voor Bestuurders in de Zorg (NVZD). De NVZD is nauw betrokken bij het debat over de governance in de zorg en heeft via haar Commissie Governance een eigen visie hierop ontworpen. Ook de NVZD pleit voor het verminderen van de regeldruk en voor het niet zoeken van ‘oplossingen in het verder aanscherpen en strikte naleving van bestaande systemen’. In zoverre is er veel gemeen met de stellingen van de Nederlandse Beroepsorganisatie van Accountants en Actal. Het rapport van de NVZD verdient bijzondere vermelding vanwege de aanbevelingen die het rapport bevat.

Aanbevelingen NVZD voor het verbeteren van governance in de zorg:

  1. binnen de governance van zorginstellingen moet meer ruimte ontstaan voor bredere afwegingen dan uitsluitend het belang van de instelling; het gaat ook om meer verantwoordelijkheid nemen voor de leefwereld van de cliënt en de professionals naast de systeemwereld waarin regels overheersen;
  2. de zorgbestuurder moet niet alleen worden aangesproken en beoordeeld worden op de groei en bloei van de eigen instelling. Mede-bepalend moet zijn de mate waarin de zorgbestuurder meerwaarde creëert voor de kwaliteit van leven van cliënten en een optimale inrichting van de zorg in het werkgebied voor de langere termijn;
  3. dit heeft gevolgen voor de vaardigheden en kwaliteiten van zorgbestuurders. Aan de verdere professionalisering van zorgbestuurders kan de NVZD een systematische bijdrage leveren door haar accreditatietraject;
  4. voor raden van toezicht betekent dit dat toezicht niet primair moet gaan om (nog) meer systeemtoezicht, met de nadruk op intensivering van regulering en (nog) meer managementinformatie. Het moet mede gaan om ander en beter toezicht waarin de leefwereld centraal staat;
  5. daartoe is nodig dat raden van toezicht en zorgbestuurders met elkaar in gesprek raken over:
  6. het doel van de besturing van de instelling in bredere zin;
  7. de maatschappelijke vragen die betrekking hebben op de instelling;
  8. de ruimte van de bestuurder om invulling te geven aan strategische partnerships en maatschappelijke doelstellingen die het doel van de instelling overschrijden;
  9. de handelingsvrijheid van de bestuurder moet worden vergroot. Tegelijkertijd aanscherping van de informatie aan de raad van toezicht en de bereidheid daarover in vertrouwen verantwoording af te leggen;
  10. de zorgbestuurder moet geen klassieke ondernemer willen zijn. Hij vult de maatschappelijke doelstelling zo ondernemend als mogelijk in. Altijd vanuit het primair belang van de cliënt en niet uitsluitend het belang van de instelling;
  11. zorgbestuurders moeten ruimte nemen en ruimte krijgen voor zorginnovatie en vernieuwing. De moderne zorgbestuurder is een verbindende leider en coördinator die op basis van zijn specifieke vaardigheden bestaande situaties verder brengt;
  12. dit leidt tot een verschuiving in de taak en verantwoordelijkheid van interne toezichthouders. Een combinatie van noodzakelijke afstand en de juist houding en gedrag in de dynamiek van het toezichtsproces;
  13. de aanbevelingen van de NVTZ worden onderschreven over intensivering van scholing en training van interne toezichthouders en mogelijk een vorm van accreditatie.

Henry Goverde

Geef een reactie

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *